Bookbot

Scènes uit de provincie - 2: Portret van een jongeman

Ocena książki

Więcej o książce

Hij moet weg van dat eindeloze platteland, weg uit dat betoverend mooie landschap. Hier, in Zuid-Afrika, kan hij nooit een dichter zijn, en al helemaal geen groot dichter zoals T.S. Eliot. Want dat wil hij worden, een groot dichter met een wild liefdesleven, hij wil gedichten schrijven waarvan de schoonheid met stomheid slaat, gedichten die iets uitdrukken wat hij in de Zuid-Afrikaanse bewegingsloosheid maar niet kan uitdrukken - maar wat eigenlijk? Hij moet weg, naar Londen, daar wordt verfijnder gesproken, daar zal hij zijn weg vinden naar de vrouwen en de grote poëzie. Natuurlijk is zijn moeder ontsteld, wat moet dat dan wel voorstellen, een dichter, en bovendien schijnt het in Londen koud te zijn. Het Londen van de vroege jaren zestig, waar hij toch naartoe gaat, is nog geen 'swinging London', maar een verwarrende en vijandige mierenhoop. Hij schopt het daar ten slotte tot programmeur. Maar zo leidt hij niet het grootse en meeslepende leven van een dichter. Hij heeft niet eens een vriend! Hij heeft een muze nodig! Hij raapt al zijn moed bijeen en leert allerlei vrouwen kennen die hem na een paar moeizame nachten eigenlijk alleen nog maar van de poëzie afhouden, vooral van liefdesgedichten!

Zakup książki

Scènes uit de provincie - 2: Portret van een jongeman, John Maxwell Coetzee, Peter Bergsma

Język
Rok wydania
2002
Oprawa
(twarda),
Stan książki
Uszkodzony
Cena
6,97 zł

Metody płatności

3,8
Bardzo dobra
5944 Ocena

Brakuje nam tutaj Twojej recenzji.

Tytuł
Scènes uit de provincie - 2: Portret van een jongeman
Język
holenderski
Wydawca
Cossee
Rok wydania
2002
Oprawa
twarda
Liczba stron
208
ISBN10
9059360028
ISBN13
9789059360020
Pierwsze wydanie
2002
Oryginalna nazwa
Youth
Ocena
3,8 z 5
Opis
Hij moet weg van dat eindeloze platteland, weg uit dat betoverend mooie landschap. Hier, in Zuid-Afrika, kan hij nooit een dichter zijn, en al helemaal geen groot dichter zoals T.S. Eliot. Want dat wil hij worden, een groot dichter met een wild liefdesleven, hij wil gedichten schrijven waarvan de schoonheid met stomheid slaat, gedichten die iets uitdrukken wat hij in de Zuid-Afrikaanse bewegingsloosheid maar niet kan uitdrukken - maar wat eigenlijk? Hij moet weg, naar Londen, daar wordt verfijnder gesproken, daar zal hij zijn weg vinden naar de vrouwen en de grote poëzie. Natuurlijk is zijn moeder ontsteld, wat moet dat dan wel voorstellen, een dichter, en bovendien schijnt het in Londen koud te zijn. Het Londen van de vroege jaren zestig, waar hij toch naartoe gaat, is nog geen 'swinging London', maar een verwarrende en vijandige mierenhoop. Hij schopt het daar ten slotte tot programmeur. Maar zo leidt hij niet het grootse en meeslepende leven van een dichter. Hij heeft niet eens een vriend! Hij heeft een muze nodig! Hij raapt al zijn moed bijeen en leert allerlei vrouwen kennen die hem na een paar moeizame nachten eigenlijk alleen nog maar van de poëzie afhouden, vooral van liefdesgedichten!