Więcej o książce
In 1996 sprak de Nederlandse schrijver Cees Nooteboom in Innsbruck over reizen en schrijven. Hij erkende dat hij in beweging de rust vond die hij nodig had om te schrijven. Deze gedachten zijn samengebracht in een nieuwe bundel met literaire, journalistieke en poëtologische teksten van de afgelopen decennia. Nooteboom reflecteert op zijn pendelen tussen beweging en rust, dramatiek en melancholie: „Nog steeds bouw ik aan mijn hotel”, beschrijft hij, „dit niet-bestaande gebouw dat alleen in mijn hoofd bestaat, het hotel van de nabije en verre wereld, de stad en de stilte”. In dit hotel zijn er vele kamers waarin Nooteboom in essays en interviews talrijke illustere voorbeelden onderbrengt, waaronder Marcel Proust, Mary McCarthy, Umberto Eco en Federico Fellini. Ook Edward Hopper wordt genoemd, wiens beelden de eenzaamheid in hotelkamers thematiseren. In andere ruimtes heeft Nooteboom met reportages, prosaminiaturen en overpeinzingen zijn alter ego gevestigd. Hier bereidt hij zich voor op nieuwe literaire reizen, waarvan we de verslagen al vol verlangen verwachten.
Zakup książki
Nootebooms hotel, Cees Nooteboom
- Język
- Rok wydania
- 2002
- Oprawa
- (miękka),
- Stan książki
- Bardzo dobry
- Cena
- 15,88 zł
Metody płatności
Brakuje nam tutaj Twojej recenzji.
- Tytuł
- Nootebooms hotel
- Język
- holenderski
- Autorzy
- Cees Nooteboom
- Wydawca
- Atlas
- Rok wydania
- 2002
- Oprawa
- miękka
- Liczba stron
- 476
- ISBN10
- 9045005859
- ISBN13
- 9789045005850
- Seria
- Kategorie
- Ocena
- 3,7 z 5
- Opis
- In 1996 sprak de Nederlandse schrijver Cees Nooteboom in Innsbruck over reizen en schrijven. Hij erkende dat hij in beweging de rust vond die hij nodig had om te schrijven. Deze gedachten zijn samengebracht in een nieuwe bundel met literaire, journalistieke en poëtologische teksten van de afgelopen decennia. Nooteboom reflecteert op zijn pendelen tussen beweging en rust, dramatiek en melancholie: „Nog steeds bouw ik aan mijn hotel”, beschrijft hij, „dit niet-bestaande gebouw dat alleen in mijn hoofd bestaat, het hotel van de nabije en verre wereld, de stad en de stilte”. In dit hotel zijn er vele kamers waarin Nooteboom in essays en interviews talrijke illustere voorbeelden onderbrengt, waaronder Marcel Proust, Mary McCarthy, Umberto Eco en Federico Fellini. Ook Edward Hopper wordt genoemd, wiens beelden de eenzaamheid in hotelkamers thematiseren. In andere ruimtes heeft Nooteboom met reportages, prosaminiaturen en overpeinzingen zijn alter ego gevestigd. Hier bereidt hij zich voor op nieuwe literaire reizen, waarvan we de verslagen al vol verlangen verwachten.


