Bookbot

de Njai

Moeder Van Alle Volken. de Roos Van Tjikembang En Andere Verhalen (Boekerij 'Oost En West')

Parametry

  • 348 stron
  • 13 godzin czytania

Więcej o książce

'Zij is en blijft de inlandsche vrouw, die alleen met de Europeaan wil zamen wonen, zich aan hem ten beste geeft, hem al hare diensten wijdt, alleen omdat zij daardoor de zekerheid bekomt, dat zij nu een goed leven leiden en in ruime mate voldoen kan aan de onbegrensde zucht naar pronk en opschik'. Met deze woorden karakteriseerde W.L. Ritter in 1855 de "njai," de concubine van menig Europese, Chinese en Arabische man in Nederlands-Indie. In de Nederlandstalige koloniale literatuur van de tweede helft van de negentiende eeuw was de "njai" het symbool van degeneratie en dreigde zij de koloniale samenleving te ondermijnen. De "njai" deugde niet. In de Maleise literatuur daarentegen is zij de trouwe, spaarzame en integere vrouw. De "njai" deugt wel, maar valt in de Maleise verhalen en gedichten ten prooi aan de meedogenloze mannencultuur. Zij is daarin vooral de brug tussen rassen en tussen culturen, want zij is de moeder van Indo-europeanen, Indo-chinezen en Indo-arabieren. De "njai" is de moeder van alle volken. Maya Sutedja-Liem selecteerde zes verhalen waarin de "njai" de hoofdrol speelt, vertaalde ze en bracht ze samen in deze bundel. Tezamen vormen deze vertaalde portretten een belangrijke bijdrage aan debatten rond gender en identiteit in een koloniale context."

Zakup książki

de Njai, Maya Sutedja-Liem

Język
Rok wydania
2007
Oprawa
(miękka)
Jak tylko się pojawi, wyślemy Ci wiadomość e-mail.

Metody płatności

Nikt jeszcze nie ocenił.

Tytuł
de Njai
Podtytuł
Moeder Van Alle Volken. de Roos Van Tjikembang En Andere Verhalen (Boekerij 'Oost En West')
Język
holenderski
Wydawca
Brill
Rok wydania
2007
Oprawa
miękka
Liczba stron
348
ISBN10
9067183016
ISBN13
9789067183017
Seria
Opis
'Zij is en blijft de inlandsche vrouw, die alleen met de Europeaan wil zamen wonen, zich aan hem ten beste geeft, hem al hare diensten wijdt, alleen omdat zij daardoor de zekerheid bekomt, dat zij nu een goed leven leiden en in ruime mate voldoen kan aan de onbegrensde zucht naar pronk en opschik'. Met deze woorden karakteriseerde W.L. Ritter in 1855 de "njai," de concubine van menig Europese, Chinese en Arabische man in Nederlands-Indie. In de Nederlandstalige koloniale literatuur van de tweede helft van de negentiende eeuw was de "njai" het symbool van degeneratie en dreigde zij de koloniale samenleving te ondermijnen. De "njai" deugde niet. In de Maleise literatuur daarentegen is zij de trouwe, spaarzame en integere vrouw. De "njai" deugt wel, maar valt in de Maleise verhalen en gedichten ten prooi aan de meedogenloze mannencultuur. Zij is daarin vooral de brug tussen rassen en tussen culturen, want zij is de moeder van Indo-europeanen, Indo-chinezen en Indo-arabieren. De "njai" is de moeder van alle volken. Maya Sutedja-Liem selecteerde zes verhalen waarin de "njai" de hoofdrol speelt, vertaalde ze en bracht ze samen in deze bundel. Tezamen vormen deze vertaalde portretten een belangrijke bijdrage aan debatten rond gender en identiteit in een koloniale context."